Wedstrijd-reglement


Goedgekeurd d.d 25 mei 2004


AALTENSE SCHIETBOND


Artikel 1.

Vijftallen: 

Er wordt aan de competitie deelgenomen door vijftallen. Het hoogst genummerde vijftal mag (indien men door omstandigheden niet kan beschikken over een vijfde schutter) met vier schutters uitkomen. Voor of tijdens de wedstrijd wordt door de tegenpartij geloot welke schutter twee keer moet uitkomen. 

Indien een vereniging bestaat uit één vijftal dient men altijd met vijf schutters te schieten. 

Op de ledenlijst moeten de leden per vijftal worden opgegeven. Alle schutters worden opgegeven met doorlopende nummering. Aangeven wat het eerste, tweede, derde enz. vijftal wordt. 

Meerdere schutters per vijftal is mogelijk.

Alle resterende schutters worden aangemerkt als schutters van het hoogste genummerde vijftal en moeten genummerd worden als hiervoor uitkomend. 

Nieuwe leden opgegeven tijdens de competitie mogen gelijk mee schieten maar wel is voor deze schutters het vijftal waarin zij hun eerste competitiewedstrijd schieten bepalend voor hun klasse.

Artikel 2.

Invallerregeling:

In de eerste twee competitieronden mag een schutter niet uitkomen voor een hoger genummerd vijftal dan waarin hij is ingedeeld. Hij mag wel twee wedstrijden in een lager genummerd vijftal uitkomen. 

Schiet hij echter een derde wedstrijd in een lager genummerd vijftal, dan komt hij reglementair voor dat vijftal uit. 

Wil een schutter weer naar een hoger genummerd vijftal dan moet hij twee wedstrijdronden stilliggen van het vijftal waar hij voor de derde keer uitkwam. 

Nadat de schutter twee wedstrijdronden heeft stilgelegen, mag hij weer in een hoger genummerd vijftal uitkomen en gelden vervolgens alle invallers bepalingen opnieuw.

Artikel 3.

Protest: 

Een protest over de telling van een schot(en) moet direct na de telling, maar minstens voordat het formulier wordt ondertekend, door de vijftalleider aan de vijftalleider van de tegenpartij kenbaar worden gemaakt.

De kaart(en) met de/het betreffende schot(en) mogen niet meer in andere handen overgaan dan die van de vijftalleiders.

Op de kaart(en) moet duidelijk aangegeven worden tegen welk schot(en) geprotesteerd wordt.

De kaart(en) moeten diezelfde avond in de door de ASB beschikbaar gestelde enveloppe worden gedaan, dichtgeplakt en voorzien van een handtekening van beide vijftalleiders.

Deze enveloppe en het wedstrijdformulier dienen de daaropvolgende woensdag voor 13.00 uur bij de competitieleider ingeleverd te zijn.

De competitieleider plakt de naam van de schutter, telling en eindscore op de kaart(en) af, zodat het bestuur de kaart neutraal behandelt.

De uitspraak van het bestuur in bindend.

Het protestgeld wordt nagevorderd aan de verliezende partij.

Artikel 4.

Defecte wapens: 

Bij een technisch defect raken van een wapen tijdens de competitiewedstrijd moet deze de daaropvolgende woensdag voor 13.00 uur worden ingeleverd bij de competitieleider. Evenals geschoten kaarten en het wedstrijdformulier. 

Wordt het defect door een deskundige aangewezen door de ASB aan het wapen geconstateerd, dan stelt de competitieleider de volledige wedstrijd opnieuw vast. 

Blijkt het defect door een deskundige niet te worden geconstateerd aan het wapen, dan wordt de al begonnen wedstrijd verder geschoten op een door de competitieleider te bepalen datum.

Artikel 5.

Wedstrijden: 

Er wordt geschoten op dinsdag volgens het wedstrijdrooster. Afwijking hiervan is niet toegestaan zonder toestemming van de competitieleider en in overleg met de tegenpartij. Kan door bijzondere omstandigheden die het vijftal betreffen niet in de verplichte week worden geschoten, dan moet voor de verplichte schietavond hiervan de competitieleider of bestuur in kennis worden gesteld. Het bestuur beslist of het inderdaad een bijzonder geval is. 

De wedstrijd moet hierna z.s.m. worden geschoten in overleg met de tegenpartij en de competitieleider.

Bij nalatigheid is de betreffende vereniging verantwoordelijk.

Artikel 6.

Promotie/degradatie regeling: 

Voor een gewonnen wedstrijd ontvangt men twee wedstrijdpunten. 

Eindigt een wedstrijd met een gelijk aantal geschoten punten dan ontvangt elk vijftal één punt. 

Het vijftal dat in zijn klasse na afloop van de competitie de meeste wedstrijdpunten heeft behaald is kampioen en promoveert naar een hogere klasse. 

Bij een gelijk aantal wedstrijdpunten wordt er op een neutrale baan door de betreffende vijftallen een beslissingswedstrijd geschoten.Bij gelijk eindigen hiervan beslist het geschoten wedstrijd gemiddelde van de afgelopen competitie. 

De laagste plaats in een klasse betekent degradatie. Ook hier geldt bij gelijk eindigen een beslissing wedstrijd van de betreffende vijftallen.

Artikel 7.

Vastgestelde tijden:

Alle door de ASB vastgestelde wedstrijden beginnen om 20.00 uur. 

Om 20.00 uur moeten van elk vijftal drie schutters aanwezig zijn, 

om 21.00 uur vier schutters en om 21.30 uur vijf schutters.

Mochten op bovengenoemde tijden de schutters niet aanwezig zijn, dan kan men beroepen op artikel 8 en is er sprake van niet opkomen.

De wedstrijd dient ononderbroken geschoten te worden.

Artikel 8.

Niet opkomen:

Wanneer een vijftal niet komt opdagen volgt een geld boete en worden drie strafpunten in mindering gebracht.

De wedstrijd wordt door de competitieleider opnieuw vastgesteld.

Artikel 9.

Zowel voor de eerste als de tweede wedstrijdkaart is de vastgestelde tijd op maximaal 15 minuten per kaart. Als een schutter 10 minuten bezig is met zijn wedstrijdkaart, dient de vijftalleider de tegenpartij te melden dat maximale tijd voor de desbetreffende schutter bijna voorbij is.

Bij overschrijding van de 15 minuten moet de kaart door de vijftalleider worden ingenomen en de nog niet geschoten rozen zullen dan als poedels genoteerd worden op het wedstrijdformulier.

Artikel 10.

Banen: Er wordt uitsluitend geschoten op draaibanen, staande vrije hand m.u.v. invalide schutters.

De afstand schutter/kaart moet negen meter zijn, gemeten vanaf de achterkant van de schiettafel.

De kaarten waarop geschoten wordt moeten op een behoorlijke wijze bevestigd en verlicht worden. 

De hoogte van het middelpunt van de kaart moet gerekend vanaf de grond ± 155 centimeter(marge is enkele centimeters) bedragen. 

Artikel 11.

Wapens: Men schiet met een luchtdrukgeweer van het kaliber 4.5 mm, 

totaal gewicht maximaal 5 kg voorzien van keep - korrel of paal.

Zonder enige hulpmiddelen zoals;

  • Extra verlichting op Keep – korrel of paal.
  • Paal of korrel dient gesloten te zijn, overige toepassingen zijn niet toegestaan.
  • Geen kapjes boven het vizier.
  • Extra handstop/handgreep is niet toegestaan.
  • Schouderhaak/riem is niet toegestaan.
  • Optische middelen bevestigd aan het wapen zijn verboden.

Het schieten per vijftal met een eigen wapen of met het wapen van de tegenpartij is toegestaan.

Artikel 12.

Munitie: Er wordt geschoten met uitsluitend loden kogeltjes 4.5 mm. Model “diabolo”met platte voorkant. 

Munitie dient voldoende op de banen aanwezig te zijn.

Artikel 13.

Kaarten: Voor de door de ASB uitgeschreven wedstrijden

(competitie, kampioenschap, boete-beker of beslissingswedstrijden) worden uitsluitend de ASB zesrozen kaarten gebruikt. 

Deze kaarten zijn bij de ASB tegen betaling verkrijgbaar.

Artikel 14.

Volgorde van schieten: Eerste kaart links boven verplicht drie proefschoten. Vervolgens middenboven eerste wedstrijdschot,rechtsboven tweede wedstrijdschot, linksonder derde wedstrijdschot, middenonder vierde wedstrijdschot en rechtsonder vijfde wedstrijdschot.

Tweede kaart even als de eerste kaart met uitzondering van linksboven waarin één proefschot verplicht is. 

Telling 8 t/m12. De lijn van het hoger tellende schot moet geheel doorschoten zijn om geteld te worden. 

De geschoten kaart moet door de wedstrijd- of vijftalleider van de ontvangende vereniging direct geteld worden en genoteerd op het daarvoor bestemde wedstrijdformulier alvorens het door alle schutters wordt bekeken. 

Kaarten die zijn geschoten, geteld en op het wedstrijdformulier zijn genoteerd dienen ten allen tijde ter inzage voor de tegenpartij beschikbaar te liggen.

Artikel 15.

Telling schoten: 

De kaarten worden geteld door de vijftalleider of andere schutter van het ontvangende vijftal. 

Elk op de kaart zichtbaar schot wordt geteld als een gericht schot. 

Valt een proefschot in een andere dan de daarvoor bestemde roos dan moet dit onmiddellijk worden gemeld en het schot wordt dan door de vijftalleider gemarkeerd. 

De eerste kaart moet acht schoten bevatten, de tweede kaart zes schoten. Voor teveel of te weinig schoten op een kaart wordt een evenredig aantal poedels genoteerd m.u.v gemarkeerde schoten. 

Een wedstrijdroos die meer dan één schot bevat is ongeldig en wordt als poedel genoteerd. Indien echter de roos volgende op de roos met meer dan één schot, geen schot bevat en het aantal schoten klopt dan wordt

(om de schutter niet onnodig te duperen) van de roos met twee schoten het hoogste in punten genoteerd.

Artikel 16. 

Gedragingen aan de baan:

Een schutter dient zich achter de baan te bevinden en mag niet met één been naast de tafel staan.

Het is wenselijk dat een schutter alleen (zonder hulp/lader) zijn kaarten schiet.

Een eventuele helper/lader dient zich op gepaste afstand van de schutters te bevinden en geen gesprekken en/of aanwijzingen te geven.

Het hinderen en/of afleiden op welke wijze dan ook is verboden.

Aan de baan is het verboden om te roken en om drank te nuttigen.

Tevens dienen mobiele telefoons uitgeschakeld te zijn

Artikel 17. 

Wedstrijdrooster: 

De vijftallen schieten om beurten, te beginnen met het ontvangende vijftal.Tevens is het gewenst dat de schutters uit één vijftal ook om beurten schieten. Elke schutter schiet op een wedstrijd twee kaarten.

Op de door de ASB tegen betaling verstrekte wedstrijdformulieren wordt door de vijftalleider van het ontvangende vijftal de volgende zaken duidelijk ingevuld:

  • Wedstrijdnummer
  • Datum
  • Klasse en eventueel afdeling
  • Ontvangende en bezoekende verenigingsvijftal
  • Namen en stamnummers deelnemende schutters
  • De punten van elk schot van elke serie van een schutter
  • Het totaal per serie per vijftal
  • Overige noodzakelijke gegevens

Beide vijftalleiders dienen na afloop van de wedstrijd het wedstrijdformulier te ondertekenen als ze akkoord gaan met de telling en de uitslag.

Artikel 18.

Invalide schutters:

Voor invalide schutters zijn de volgende mogelijkheden toegestaan om te kunnen schieten.

Arm/hand geamputeerde schutters mogen gebruik maken van een steun.

Opgelegd schieten mag zowel staand als zittend in een rolstoel. De schutter mag het wapen, als het steunt op een standaard niet met twee handen vasthouden of klemzetten met de voet of hand.

Zowel de loop als de kolf mogen op de standaard rusten.

Zij die vanuit de rolstoel schieten moeten rechtop zitten en niet in de rolstoel hangen of liggen. Ook mogen zij niet tegen andere delen van de rolstoel extra steun zoeken. Dit geldt ook voor diegenen die vanaf een stoel of kruk schieten.

Achter de namen van de schutters in het wedstrijdrooster staat afgekort vermeld hoe een invalide schutter schiet;

  • V.H.S.       vrije hand staand
  • V.H.Z.       vrije hand zittend
  • O.G.L.Z.    opgelegd zittend.

Artikel 19. 

Onrechtmatige schutter:

Een onrechtmatige schutter is iemand die afwijkt van het wedstrijdreglement.

Komt een vijftal uit met een onrechtmatige schutter dan worden drie wedstrijdpunten in mindering gebracht en er volgt een geldboete. De wedstrijd wordt overgeschoten als er gelijk geëindigd is of als de tegenpartij heeft verloren. De datum voor het overschieten van deze wedstrijd wordt vastgesteld door de competitieleider.

Artikel 20.

Boete’s: 

Voor het niet nakomen van de onderstaande punten wordt aan de vereniging een geldboete geëist:

  • Geen bericht wedstrijd verzetten naar andere datum.
  • Uit- / thuiswedstrijd omzetten zonder vermelding aan de competitieleider.
  • Niet komen opdagen   wedstrijd.
  • Niet op tijd aanwezig wedstrijd.
  • Opstellen onrechtmatige schutter.
  • Wedstrijd formulier te laat ingeleverd
  • Wedstrijdformulier onvolledig invullen.
  • Telfouten in wedstrijdformulier.
  • Protest.
  • Niet aanwezig op vergaderingen uitgeschreven door de ASB.
  • Te laat betalen van nota’s.

De hoogte van de boete’s jaarlijks vastgesteld op de Algemene Ledenvergadering.

Artikel 21.

Slotbepaling: In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist het bestuur. Wijzigingen in dit reglement kunnen slechts worden aangenomen bij besluit van de algemene ledenvergadering